Soms zit je team er even doorheen. Soms is de fit eruit, de batterij leeg en de pap op. Soms zie je het aankomen en soms word je er door verrast. Het begint vaak met eentje en voor je het weet hangen de vleugeltjes slap bij de hele groep. Je kunt proberen het te voorkomen of tegen te houden, maar dan gebeurt het vaak toch. En als je team dan in een dip zit, hoe kom je er dan weer uit? Vijf onorthodoxe tips om samen nieuwe energie aan te boren.

De energie in een team is niet oneindig. Het is de optelsom van de energie van de teamleden en als er een paar in de min zitten, dan heeft dat effect op de rest. We gaan steeds beter begrijpen hoe mensen elkaar over en weer beïnvloeden met hun gevoel. En zoals daadkracht en optimisme besmettelijk kunnen zijn binnen een team, zo geldt dat ook voor vermoeidheid en het ontbreken van inspiratie. Elk team heeft wel eens een koutje, maar het kan ook zomaar een stevige infectie oplopen.

Wat je terug wilt, is het goede gevoel van momentum. Het gevoel van overlopende gezamenlijke energie, gericht op hetzelfde. Als er momentum is, dan “staan alle neuzen in dezelfde richting”, dan “voel je gewoon dat het echt gaat gebeuren” en dan kom je stuk voor stuk “met een lekker gevoel uit de meeting”. Soms is er heel veel momentum, vaak is het momentum “best wel aanwezig” en soms heb je het gevoel dat alles op zijn gat ligt. Dan is er even helemaal geen momentum. Wat dan te doen?

Het helpt niet om hup-hup te roepen tegen een vermoeide atleet. (Of hij moet de finish al kunnen zien). En een team komt niet uit een dip door gespring en gestuiter van een enkeling.

Er zijn andere dingen die beter werken dan kunstmatige energie. Dingen die helpen om weer échte energie terug te vinden.

  1. Accepteer de dip. Verzet je niet tegen de werkelijkheid. Doen alsof er niks aan de hand is maakt het erger. Spreek uit dat je er even goed doorheen zit samen. Zo, dat lucht op.
  2. Vertraag de actie. Doe het tegengestelde van wat iedereen verwacht. Maak ruimte voor rust en voor reflectie. Samen diep ademhalen en uitblazen. En nog eens.
  3. Stel elkaar opnieuw vragen. Een team dat eenmaal aan de gang is, dat is vooral druk met het vinden van antwoorden. Als er even geen antwoorden zijn, ga dan terug naar het begin. Vraag elkaar “waarom ook alweer?” Een voor een.
  4. Stel alles ter discussie. Gewoon omdat het kan. Doel, team, process en vergeet het originele probleem niet. Wie kwijt is wat het probleem ook alweer was, die voelt de urgentie van het oplossen niet. Urgentie en verlangen, daarin zit de energie.
  5. Leun achterover. Neem vooral niet het initiatief. Wacht net zo lang tot een ander overeind komt en voorop gaat in de strijd. Weinig geeft zoveel energie als de eigen startmotor van mensen. Willen is krachtiger dan moeten. En besmettelijker.

Momentum maken is bij elkaar energie opwekken. Als je begrijpt hoe het werkt, dan heb je goud in handen. Voor als je team er even doorheen zit, maar ook gewoon als het weer op de toppen van z’n kunnen presteert. Momentum maken is elkaars vuurtje brandend houden. Heerlijk.