debat discussie dialoogOpspringen kunnen we allemaal. Interrumperen en met de vuist op de tafel slaan. De borst vooruitsteken en roepen: “Onzin, mijnheer de voorzitter. Dikke flauwekul allemaal” en “Daar ben ik het dus niet mee eens.” Soms is het ook gewoon lekker om te doen. Een beetje peper in de discussie en gniffelende omstanders, die dat ook wel mooi vinden. De aanval is de beste verdediging, ook in het debat en voor de bühne. Alleen eindigen de meeste van die schermutselingen vaak onbeslist. De uitkomst is niet echt anders dan het begin. Niks opgeschoten.

Met debat moet je zuinig zijn. Of er moeten zieltjes te winnen zijn of stemmen. In de meeste andere situaties is discussie beter. Met rondjes uitwisseling van informatie, argumenten en afwegingen. Als er iets besloten moet worden, is discussie een goede vorm. Je moet het even tijd geven, maar dan krijg je wel duidelijkheid.

Er is nog een derde gespreksvorm, voor wie dingen in beweging wil krijgen, of gewoon iets wijzer worden. De dialoog biedt dan uitkomst en het vertrekpunt is nieuwsgierigheid. De leidende vorm in de dialoog is die van de vraag. Het is regelmatig even stil ook, als mensen in dialoog met elkaar zijn. Juist in die stiltes gebeuren mooie dingen. Denk het je maar eens even in.