Even kort door de bocht

pdf/printversie

Twee keer vijf vragen om stormen mee te overleven

Door Wim Aalbers

Elke organisatie komt wel eens in zwaar
weer terecht. Problemen horen bij
ondernemen, zoals een zuidwesterstorm bij
zeezeilen. Het schip danst en kraakt en loopt
behoorlijk averij op. Het verliest ballast en
bemanning en lijkt stuurloos en verloren. Als
dan de wind gaat liggen, worden de koppen
geteld en wordt de schade geschouwd. Dat is
een pijnlijke ervaring en tegelijk een leerzaam
proces. Een storm overleven werpt
organisaties – net als scheepsbemanningen –
terug op de essentie van elementen, schip en
zichzelf. Het laat op een intense manier
ervaren wat er wél toe doet en wat niet.

Gelukkig maar dat organisaties en bedrijven
vaak ook langdurig gunstige wind hebben.
Ondernemen is bewust die wind opzoeken en
er op laveren, zodat de dingen als vanzelf
vooruit gaan. Aan dek moet het klokje rond
hard gewerkt worden, maar er is ook ruimte
voor onderhoud en ontspanning, voor
kaartlezen en turen naar de horizon, voor
dromen over nieuwe continenten. Op een goed
varend schip en in een organisatie die staat
doet ieder zo zijn eigen ding. Er is ruimte voor
nieuwe ideeën en tijd voor experimenteren.
Dat is gezond, zolang er maar iémand is die de
lucht in de gaten houdt.

De werkelijkheid is dat het in het
ondernemen – net als op volle zee – regelmatig
flink tekeer gaat. Het is bij zwaar weer, dat van
een organisatie en haar medewerkers het
uiterste wordt gevraagd. Alle verloven worden
ingetrokken, het is mee roeien of overboord
vallen. Dan telt dat iedereen zijn plek en taak
kent, dat de koers helder is en dat het duidelijk
is wie de orders geeft. Er is dan geen tijd voor
bespiegelen en heroverwegen. Alleen als alle
neuzen dezelfde kant op staan zal de club het
overleven.

Wie als professioneel buitenstaander
organisaties bijstaat in zo’n lastige fase, die
heeft geen tijd voor lange gesprekken. Die
moet snel naar de kern en met de vinger op de
zere plek. Zo iemand wordt betaald om kaf van
koren te scheiden, om dingen te zeggen en te
doen, waar de organisatie zelf niet op of aan
toe kwam. Die moet scherp waarnemen, snel
verbanden zien en conclusies trekken. Die stelt
alleen vragen die er echt toe doen en is op
zoek naar korte antwoorden. Nuanceringen
zijn ook belangrijk, maar die komen later. Het
begint in zo’n geval even kort door de bocht.

Het is essentieel om bij een eerste rondgang
door een organisatie voortdurend dezelfde
vragen te blijven stellen. Vragen die de toon
zetten en die benadrukken waar het om gaat.
Oprechte vragen, vanuit nieuwsgierigheid naar
de kern van een bedrijf; waar het op draait en
waar het om gaat. De eerste vijf vragen zijn
bijvoorbeeld: Wat willen jullie klanten? Waar
zijn jullie goed in? Waarmee verdienen jullie
geld? Wie is hier de baas? Wat is jouw
bijdrage? Het zijn allemaal logische vragen, zo
basaal dat ze te weinig gesteld worden. De
ervaring leert echter, dat als de antwoorden op
deze vragen kort, zelfverzekerd en
gelijkluidend zijn, er een goede indicatie is van
ruggengraat en overlevingspotentie.

De volgende vijf vragen zijn gericht op de
situatie en het probleem en worden opnieuw
zonder vooringenomenheid aan zoveel
mogelijk mensen gesteld. Deze vijf vragen zijn:
Wat gaat hier nog steeds wél goed? Waar heb
jij zelf het meeste last van? Wanneer precies is
het begonnen? Wat kun jij er zelf aan
veranderen? Wie moet het doen? Deze
eenvoudige vragen helpen mensen om lastige
situaties in te kaderen en problemen te
isoleren en te ontdoen van de ruis die er altijd
bij ontstaat. De antwoorden op deze vragen
brengen niet zelden ook de “geheime
oplossingen” in beeld. Dat zijn de dingen die
iedereen weet, maar niemand uitspreekt; als
open deuren die toch gesloten blijven.

Organisaties hebben gelukkig niet altijd
buitenstaanders nodig voor de slimme vragen.
Goede kapiteins en vaardige stuurmannen
kijken zelf regelmatig de bemanning diep in de
ogen. Juist bij kalme zee. Ze doen dat omdat
ze weten, dat ze er in een vliegende storm
geen tijd voor hebben. Ze zijn altijd bezig met
een heldere koers en een goede taakverdeling.
Want in zwaar weer willen ze blindelings
kunnen vertrouwen op het trekken aan de
touwen.

Wim Aalbers werkt aan de slagkracht van organisaties
© Wim Aalbers 2008