Het is nieuwjaarsdag, half acht ´s morgens. Stiller dan nu wordt het niet dit jaar. En toch ga ik er mijn best voor doen om van 2019 het jaar van de stilte te maken. Ik heb daarvoor zowel een persoonlijke reden* als een zakelijke drijfveer. Beide komen hierna aan de orde. Dan hebbben we dat maar vast opgeschreven voor 2019.

In de aandachtseconomie van nu gaat het er hard aan toe. De aanslagen komen van alle kanten. ¨Het nieuwe goud¨ wordt geroofd en gestolen en onder valse voorwendsels ontfutselen ze ons ons meest kostbare bezit, onze aandacht. Datgene wat die aandacht verdient komt daardoor tekort en degenenen die hun best doen om onze aandacht te verdienen vissen achter het net. Het favoriete wapen in die slag om de aandacht is lawaai; hoorbaar lawaai en zichtbaar lawaai. Het mediaslagveld is een permanente kakofonie, voor oren en ogen. Het motto lijkt wel te zijn: ¨niet slimmer, maar harder.¨ Voorbeelden onnodig. U zit er midden in.

Die lawaaieconomie is een race naar de top en tegelijk naar de bottom. Hoe harder de herrie, des te minder mensen werkelijk horen. Het lijkt wel of – een enkeling daargelaten – niemand dat beseft. Zoals laagste prijs een doodlopende weg is (all but one), is grootste schreeuwer dat ook. En toch doet bijna iedereen mee; bedrijven, oude media en nieuwe media. En ondertussen maar klagen over een gebrek aan aandacht. Gebrek aan onderscheid zul je bedoelen.

Ik ken een succesvolle volleybaltrainer die het wél begrijpt. Hij coacht zijn jeugdteams door te fluisteren. Stelt u zich eens voor: een volle sporthal, lawaai van alle kanten, een team van pubers, dartel als jong vee, en in de time outs houdt de coach zijn vinger bij zijn lippen en spreekt ze toe op fluistertoon. In plaats van de herrie te overschreeuwen. Stuk voor stuk spitsen ze hun oren, buigen ze dichterbij: een cirkeltje van tien jonge knullen, doodstil, met de hoofden bijna tegen elkaar. Om het maar te horen. Hier worden afspraken gemaakt, wordt een team gesmeed.

Je moet natuurlijk wel wat te vertellen hébben, om zo de aandacht te verdienen. En je moet het in weinig woorden duidelijk kunnen maken. Zodat er voldoende stilte over blijft om te luisteren. (Luisteren terwijl je schreeuwt is sowieso kansloos.)

Het is onze uitdaging, ieder voor zich, om van 2019 het jaar van de stilte te maken. De stilte om te luisteren en de stilte om een speld te laten vallen. Stilte die werkt is een veel efficiëntere strategie dan lawaai, dat snapt iedereen. De reden daarvoor is, dat stilte respectvoller omgaan is met de aandacht van de ander. Geen diefstal, maar verdienste. En die wordt beloond.

*Op het persoonlijke vlak is stilte van levensbelang voor me. Vanwege serieuze tinnitius en hyperacusis (oorsuizen en overgevoeligheid voor geluid) heb ik stilte nog meer nodig dan anderen. Ik heb ¨opnieuw moeten leren leven¨ en dat gaat gelukkig steeds beter. Ik ga in 2019 mijn ervaringen hiermee op een aparte plek delen, in de hoop daarmee anderen te kunnen helpen.