Hij vond het niet grappig. Ik had hem net gewezen op een schijnbare tegenstrijdigheid in zijn verhaal, maar dat bleek niet de bedoeling. Hij herhaalde zijn argument, maar net iets luider en uitdagender. Het werd opeens een beetje kouder in de spreekkamer. Hier gingen we niet uitkomen met een deal, zoveel werd me duidelijk. Dat was jammer voor hem, maar hij wilde liever gelijk dan de opdracht, leek het.
Niet gelachen is niet gekocht. Zo vanzelfsprekend als het is, zo veel wordt er gezondigd tegen deze regel. Niets is zonder nadeel en aan alles kleven bezwaren. Volmaakt bestaat niet en elke klant weet dat.  Verkopers die dat inzien, die lachen af en toe om zichzelf en om hun aanbod. Het haalt de spanning er van af en het maakt ze geloofwaardiger. Verkopers zij toch ook maar mensen?