Lastig, lastig, lastig. Hoe ver moet je een dienst of product uitontwikkelen, voor je er de markt mee op kunt? Je doet het nooit goed. Want óf snel en goed genoeg, maar dus middelmaat en een van de velen. Óf helemaal perfect en kop en schouders, maar nooit af en dus te laat. Als u het wél weet, moet u het zeggen.

Perfectionisme is een zonde in de kerk van de economie, een taboe in de leer van de efficiency en een kwaal volgens de wetten van de marketing. “Al te goed is buurmans gek” en wat de klant niet krijgt, dat weet hij toch niet. Zo lang de factuur maar betaald wordt.

Of is er misschien toch iets aan het veranderen?

Marketing ging altijd over het scoren van zevens en achten. Voldoende en goed. En verder kraaide er geen haan naar. Maar die tijd is voorbij, nu iedereen overal alles met alles kan vergelijken. Klanten weten meer en weten beter. Of ze zijn gewoon nieuwsgierig. Klanttevredenheid is geen doel meer, maar een minimum-eis. Beter is al niet goed genoeg meer.

De nieuwe tijd is van de overtreffende trap, van het excelleren, van de uitmuntendheid. En tegelijk ook morgen leveren graag, of liever vanmiddag nog. Dat lukt toch nog wel? Want dat zou écht perfect zijn.