Waarom toch dat hameren op de inhoud? Waarom die afkeer als het gaat over de vorm? Telkens weer zien we hoe belangrijk de presentatie is voor de overdracht van de boodschap. “Maar het gaat om de inhoud”, is een dooddoener van veel politici in tijden van mediacratie. Het is zand de ogen, vooral in de eigen ogen.
Kiezers zijn kijkers. Als ze willen weten hoe het écht zit luisteren ze met hun ogen. Als het er écht om gaat horen ze niet meer wat er gezegd wordt, maar hoe het er uit komt. Hoe het klinkt. En kijken ze naar hoe het er uit ziet.

Wie gehoord, geloofd en gevolgd wil worden moet zorgen dat de presentatie in orde is. Dat is één. Daarmee alleen kom je al een heel eind (en dat is op zichzelf een vaststelling die tot nadenken stemt). Echte overtuigingskracht komt als boodschap en de presentatie vervolgens ook nog eens met elkaar in evenwicht zijn. Ook dat is “walk the talk”, woorden én daden.

En goede inhoud met een zwakke presentatie? We zien het en we voelen medelijden. We zijn genadeloos. Verwijt het niet de media, nee wij zijn het zelf. We horen u en we geloven u misschien ook nog wel, maar voor we uw volger worden moet het állemaal kloppen. Overleven en onszelf overleveren; we gebruiken er al onze zintuigen voor.