Waarom stoort u zich zo aan telefonische acquisitie? Uw macaroni wordt koud; oke. U heeft er niet om gevraagd; snap ik ook. Dat doorzeuren van die lui; helemaal eens. Maar er is nog een ding waarmee telefonische verkopers u tegen zich innemen. Ze vertellen je zo lang mogelijk niet waarvoor ze bellen. Hun belscripts draaien om de hete brij heen. Héél ergerlijk.

Maar het gebeurt veel vaker op een dag. Mensen die je aandacht vragen en beginnen te praten, zonder dat je weet wat hun bedoeling is. Ook in gesprekken en vergaderingen is het schering en inslag. Iemand neemt het woord en de rest vraagt zich minutenlang af: waarheen en waartoe?

Zélf doet u dat niet natuurlijk. Wanneer u begint te praten, geeft u telkens weer aan waarom u het woord neemt en wat u ermee gaat doen. Dat u een vraag wilt stellen, een kanttekening plaatsen, een ander punt onder de aandacht wilt brengen of het proberen samen te vatten. U plaatst als het ware een kopje boven de alinea die u gaat uitspreken.

Zo’n kopje is prettig voor de ander, goed voor de duidelijkheid en helpt uzelf bij het ordenen van uw gedachten en uw praten. En u krijgt er de aandacht mee. Zoals ik misschien best geinteresseerd zou zijn in een telefoontje van iemand die mij een voordelig kennismakingsabonnement wil verkopen, zonder enige verdere verplichting.

“Zeg dat dan.”