Ik begrijp niet veel van voetbal. Verder dan “bal vooruit” gaat mijn tactisch inzicht niet. Pas bij een rode kaart krijg je mij op het puntje van m’n stoel. Het effect van “een man minder” is niet zelden verrassend. Het verkleinde team krijgt een boost en kantelt de wedstrijd, tegen de logica in. Getergd en geprikkeld, of is er meer aan de hand? Taken beter verdeeld, uitvoering eenvoudiger? Het zou zo maar kunnen.

Aaron Skonnard, CEO van Pluralsight schreef een aardig stuk over hoe kleinere teams grotere impact hebben. Hij illustreert dat behalve met zijn eigen voorbeeld, met diverse onderzoeken naar de ideale teamgrootte. Kort door de bocht komt het er op neer dat kleinere teams per definitie beter zijn dan grotere. De ideale teamgrootte ligt ergens rond de 5 personen. Alles groter dan dat gaat ten koste van duidelijkheid en eenvoud en de productiviteit van de deelnemers.

Boven de 8 á 9 deelnemers in een team is de kans groot dat een aantal tegelijk gaan duiken, het zgn. Ringelmann effect. Jezelf niet verantwoordelijk voelen en onttrekken valt dan minder op. Is dat wat we regelmatig zien in voetbal? “Een paar spelers hebben niet gebracht wat van ze verwacht werd”, zegt de trainer dan. Maar als een rode kaart zo’n team wakker schudt, kan de trainer het zelf ook. Of mag hij een speler niet uit het veld halen zonder vervanging?

Om beter te presteren, moet je je team kleiner maken of opsplitsen, is wat de wetenschap leert. Interessante stelling voor de volgende heidag met het voltallige managementteam. “De vraag voor vanmorgen is: Wie stapt er uit en maakt ons zo beter?”