Ik gun ze je van harte; gezondheid en voorspoed in het nieuwe jaar. Maar ik kan er maar weinig aan bijdragen.  Aan je geluk misschien íets. Daarover moet ik eens nadenken.

Zo gaat dat met wensen. Hoe goedbedoeld ook, ze blijven goedkoop. Niemand zal het je kwalijk nemen, als zijn of haar jaar straks minder goed uitvalt.

Daarom stel ik voor dat we elkaar minder toewensen en meer bewensen. Dan weten we waar we sámen voor gaan. En daar mag jij dan nog eens op terugkomen, indien nodig.

Ik bewens je dat ik je vaker laat uitpraten, dat ik beter naar je luister en dat ik je meer vragen stel.

Dat zijn de betere.

En als we nu beginnen hebben we al vast prettige feestdagen samen straks.