Als ik in Groningen ben rij ik wel eens opeens achter zo’n vrachtwagen. En in Breukelen ging ik laatst nog even langs bij de fabriek. Op die vrachtwagen staat ook in 2017 nog de naam van mijn opa. En die fabriek was van mijn andere grootvader en later van mijn vader. In Groningen en in Breukelen, daar stroomt mijn ondernemersbloed iets nadrukkelijker.

Al weer meer dan 10 jaar, dat ik niet meer voor een baas werk, maar voor mezelf en voor klanten. En toen ik deze week opeens die mooie afbeelding zag van dat emaille reclamebord uit 1950 realiseerde ik me iets. Ze hebben alle drie nooit van hun leven een baas gehad, mijn opa-verhuizer uit Groningen, mijn opa-timmerman uit Breukelen en mijn vader-meubelmaker. Een leven lang hebben ze gewerkt voor klanten. Mooie dingen gemaakt, topservice geboden, rekeningen verstuurd en er op vertrouwd dat die betaald werden.

Elk jaar weer, als het lente wordt, rij ik als het zo uitkomt met opzet een stukje om. Zit ik op een bankje aan het Amsterdam-Rijnkanaal en rij ik een rondje om de Martinikerk. Om even te voelen hoe het maar blíjft kloppen, mijn ondernemershart.